| Intranasale insuline reduceert het aandeel lichaamsvet bij mannen, maar bij niet bij vrouwen. Dit blijkt uit onderzoek aan de universiteit van Lübeck. De Lübeckse onderzoeksgroep heeft met het onderzoek de Silvia-King-prijs 2005 ontvangen van de Duitse diabetesvereniging; de prijs was 2600 Euro. Het bekroonde werk is afkomstig van het instituut voor neuro-endocrinologie en de medische kliniek I van de universiteit van Lübeck. Insuline oefent in het centrale zenuwstelsel een veelvoud aan functies uit. Studies bij dieren hebben uitgewezen dat insuline die toegediend is via het centrale zenuwstelsel de voedselopname reduceert en het lichaamsgewicht doet dalen. Hierdoor geldt insuline naast leptine als vetzucht-signaal dat aan het centrale zenuwstelsel de stand van het, als vet opgeslagen, energiereservoir terugmeldt. Na intranasale toediening gaat de insuline over in de hersenvloeistof zonder dat er grotere hoeveelheden in de bloedbaan terecht komen. In het kader van de Lübeckse Studie, kregen twee groepen gezonde vrijwilligers (twaalf mannen en acht vrouwen) dagelijks intranasale insuline of een placebo. De met insuline behandelde mannen verloren gemiddeld 1,28 kg lichaamsgewicht en 1,38 kg lichaamsvet. Hun heupomvang nam af met 1,63 cm en het gehalte plasma-leptide daalde met gemiddeld 27%. In tegenstelling tot deze effecten bij mannen, verloren de met insuline behandelde vrouwen geen lichaamsvet maar verhoogden zelfs hun lichaamsgewicht door de toename van extracellulair water met 1,04 kg. De Lübeckse uitkomsten leveren een eerste bewijs dat insuline ook bij mensen een rol als negatief feedback-signaal bij de regulering van het lichaamsvet gehalte via het centrale zenuwstelsel speelt. Onderzoekers wijzen er op dat de katabole (afbrekende) effecten van de insuline in beide geslachten verschillend zijn. De mogelijkheid om de via het centrale zenuwstelsel geregelde insulinespiegel door intranasale toediening bewust te verhogen kan verder de weg vrij maken voor nieuwe therapieën. Bijvoorbeeld voor de behandeling van met het metabool syndroom geassocieerde verstoringen zoals vetzucht en diabetes type 2. © Double Check, Marieke van der Vaart
|